Fieldlab VIA APPIA

Samen op zoek naar standaardisatie in VR, AR en AI

VR, AR en AI winnen economisch aan belang. Bedrijven experimenteren er volop mee en er zijn veel voorbeelden van geslaagde toepassingen, ook voor asset management. De nieuwe technologieën vinden echter nog niet op grote schaal hun weg en dat is de stap die Fieldlab VIA APPIA wil zetten: samen de industrialisering van VR, AR en AI bewerkstelligen. “We willen een grotere en blijvende rol voor deze technologieën in de dagelijkse praktijk van service en onderhoud.”

Virtual Reality (VR), Augmented Reality (AR) en Artificial Intelligence (AI) zijn geen nieuwe technologieën. “Er zijn bedrijven die al oplossingen ontwikkelden in pilots in hun eigen bedrijf. Maar die oplossingen werken meestal alleen in die pilot in dat bedrijf”, weet projectleider Jacob Derks.

Standaardisatie “Wij zoeken in VIA APPIA samen naar standaardisatie, waardoor het op eenvoudiger en op grote schaal kan worden toegepast voor slim onderhoud. Andere bedrijven lopen namelijk tegen vergelijkbare problemen aan. Dus die algemeen gedeelde problemen, welke zijn dat en kunnen we die tackelen?” Het opschalen van de gevonden oplossingen is ook onderdeel van het Fieldlab. De deelnemers kijken ook naar de businesskant, omdat het inzetten van nieuwe technologie soms radicale gevolgen heeft in de praktijk.

Belangrijker geworden Het initiatief voor Fieldlab VIA APPIA komt oorspronkelijk uit de koker van WCM-platinalid ASML. Het bedrijf is al volop actief met toepassingen op basis van AR, VR en AI en wil die ontwikkelingen graag naar een volgend niveau brengen, vertelt Derks. “We zitten nu in een bijzondere fase door COVID-19. De coronacrisis heeft het gebruik van deze technologieën een duw in de rug gegeven, als het ware. Neem ASML dat wereldwijd klanten heeft. Normaal sturen ze monteurs op pad voor onderhoud, of om storingen te verhelpen. Door corona kon dat niet, waardoor de behoefte ontstond om met AR en remote control stappen te maken. Het was er allemaal al, maar het is nog belangrijker geworden.”

Behoeftestellers en ontwikkelaars De eerste verkennende gesprekken tussen ASML en WCM vonden medio vorig jaar plaats. In het najaar werden die verder geconcretiseerd. Er werd een projectplan geschreven en een consortium gebouwd dat bestaat uit ‘behoeftestellers’ en ontwikkelaars. Het bij elkaar brengen van die twee groepen moet leiden tot meerwaarde, is het idee.

Financiële steun In maart dit jaar diende VIA APPIA een subsidieaanvraag in bij REACT EU, een Europees subsidieprogramma dat is bedoeld voor initiatieven die ‘lokaal en vruchtbaar herstel uit de coronacrisis’ nastreven. Derks: “De subsidieaanvraag is in principe akkoord. We zijn de eerste ronde doorgekomen en er loopt nu een toetsing. De formele goedkeuring verwachten we tegen het einde van de zomer.” Derks benadrukt dat de financiële steun vooral is bedoeld voor de deelnemende mkb-bedrijven die zich bezighouden met het ontwikkelen van nieuwe toepassingen.

Onderzoek Er zijn 27 deelnemers aan het Fieldlab; ROC Tilburg, Tilburg University, Avans Hogeschool en Hogeschool Zeeland namens het onderwijs. Studenten van Tilburg University gaan bijvoorbeeld onderzoek doen en ieder opvolgend semester borduren nieuwe studenten voort op het resultaat van de vorige groep. De Brabantse ontwikkelmaatschappijen BOM, Midpoint en REWIN brengen hun kennis en hun netwerk in. De deelnemende bedrijven vallen zoals gezegd uiteen in twee groepen: negen ‘behoeftestellers’ die met een vraagstuk zitten en een tiental gespecialiseerde mkb-bedrijven – van algoritmeontwikkelaars tot specialisten in VR-trainingen. “Al met al een diverse groep deelnemers die elkaar prima kunnen versterken.” De behoeftestellers, waaronder ASML, Canon, Fujifilm, Sitech en ABB hebben ervoor gekozen niet mee te dingen in de subsidie, om een effectieve financiële ondersteuning voor de deelnemende MKB-bedrijven mogelijk te maken.

Ideeën uitwerken Derks: “We zitten nu in de fase dat we de ideeën verder uitwerken. Welke thema’s willen we in de Communities of Practice (werkgroepen -red.) behandelen en tot welke kennisproducten moet dat leiden? Welke ideeën zijn er voor de pilots en de living labs? En hoe kunnen we de kennisproducten straks ontsluiten via een WCM kennisloket?” De input voor deze denkfase komt deels van een webinar met workshop over VR en AR dat medio maart plaatsvond. “Het doel daarvan was om te peilen hoe breed de interesse is, om te horen wat er allemaal al gebeurt, waar mensen tegenaan lopen en waar behoefte aan is.” Een kleine tweehonderd deelnemers participeerden in de online bijeenkomst en gaven input, zegt Derks. De overige input komt uit diverse gesprekken met deelnemende bedrijven en bijeenkomsten met grotere aantallen deelnemers.

Het Fieldlab kent een relatief korte doorlooptijd: eind 2023 moeten er ‘echte’ producten worden opgeleverd. Dat gaat zeker en vast lukken, zegt de projectleider. “Dat kan, omdat we niet op nul beginnen. Veel van de toepassingen zitten al op een TRL-level van 5, 6 of 7. Onze doelstelling is om dat naar niveau 9 te brengen.”